×
footer logo
© 2017 VICE Media LLC
×

Logo We betalen ons blauw voor festivals en krijgen er geen greintje luxe voor terug

Vice channels
 

We betalen ons blauw voor festivals en krijgen er geen greintje luxe voor terug

TF
Tim Fraanje

9 juli, 2018, 11:26

Noem mij een diva, maar voor de prijs die je 
tegenwoordig voor een festivalkaartje betaalt eis 
ik wat meer dan lange rijen, modder en lauw bier.

Knal vol gas het festivalseizoen in met VICE. Lees deze zomer alles over festivals op festivals.vice.com en volg VICE Festivals op Facebook.

Al drie dagen liep ik straalbezopen en ­bemodderd rond op een Hongaars festival. Ik had pijn in mijn organen, leefde op patat en droeg een gele wifebeater (die een paar dagen daarvoor nog wit was). Uit mijn ­poriën kwam allang geen zweet meer, ­alleen nog palinka en absint. Zo hoorde een festival te zijn: als een zelfgekozen lijdensweg.

Ik schrok dan ook toen mijn alcoholwalm ineens werd doorboord door een tand­pastalucht. In een smetteloos lichtblauw overhemd­ kwam mijn toenmalige ­schoonneef me tegemoet gehuppeld. “Ik zit op de VIP-camping, daar kun je heerlijk douchen,” zei hij. Hij zag er ­uitgeslapen en gelukkig uit. Alsof een ­festival léuk is. Wat een burgerlul, dacht ik.

Inmiddels ben ik tot inkeer gekomen. Niet omdat ik zelf in een burgerlul ben veranderd, maar omdat ik inmiddels heb doorzien hoeveel geld er in festivals omgaat. Een paar honderd euro voor twee nachtjes is geen uitzondering, en daar komen dan nog honderden euro’s consumptie bovenop. Die prijzen hebben niks meer te maken met het antikapitalistische karakter van de eerste festivals die door hippies werden georganiseerd.

En krijg je daar ook maar enige chicheid voor terug? Nee. Hoogstens wat voorzichtige experimentjes met VIP-campings en foodtrucks, waar je extra voor moet betalen. En terwijl je normale festivalkaartje elk jaar duurder wordt, moet je alsnog elk jaar door dezelfde modder kruipen.

Door deze enorme bedragen af te tikken zonder kritisch te zijn, speel je onnodig veel geld in handen van de organisatoren, headliners, ticketverkopers en promotors. Het wordt tijd dat we van festivals eisen dat ze een deel van hun inkomsten ten goede laten komen aan ons, de ­bezoekers. Ik heb de volgende constructieve eisen om te zorgen dat festivals voor iedereen leuk blijven. Ook voor de diva’s in het publiek.

Laat festival-bezoekers óók een rider inleveren

Het grote kenmerk van luxe is een ­voorkeursbehandeling. Grote artiesten dwingen die af met behulp van een rider vol exorbitante eisen. In dat documentje staat bijvoorbeeld dat ze M&M’s willen in de backstage, maar geen bruine (zoals Van Halen) of dat er een vijver moet worden gebouwd voor hun koikarper (zoals M&M, eh, Eminem). Ikzelf zou graag ­willen dat er een Oscar-winnende stylist uit Hollywood wordt overgevlogen die elk uur de nagel van mijn kleine teen in een andere kleur lakt en droog blaast. Oh ja, en misschien wat loepzuivere Zuid-Peruaanse cocaïne, die is zo lekker zacht aan de neusgaatjes. Ik snuif trouwens alleen van zilveren spiegels met een diameter van 50 centimeter. Daarin ziet mijn gezicht er nu eenmaal het mooiste uit.

Laat ons lekker allemaal invliegen

Vervoer van en naar een festival is levensgevaarlijk en onmenselijk. Parkeren alleen al is een absolute hel: je moet eerst in de file staan om het terrein op te komen, en na afloop moet je je auto met sleep­kettingen uit de modder bevrijden. Daarna moet je nog met een tollend hoofd naar huis 
rijden. Om nog maar te zwijgen over 
pendelbussen, die gevaarlijker en minder comfortabel zijn dan de reddingsboten van de Titanic. Ondertussen wordt Fedde le Grand tijdens het Bevrijdingsfestival rondgevlogen per heli – alsof een hit 
scoren in de zero’s een prestatie is! Waarom worden festivalgangers ook niet gewoon ingevlogen, aangezien die een 
ledemaat moeten verkopen om een kaartje te kunnen bekostigen?

Laat meer luxe spektakel zien op het podium

Is het niet onterecht dat de vier ouwe zweetrockers van de Foo Fighters straks op Pinkpop tonnen gaan binnenharken in lelijke verwassen zwarte shirtjes, terwijl je OOK NOG NAAR HUN GEJENGEL MOET LUISTEREN? Het is totaal ­respectloos naar het publiek toe. Als je toch zoveel uitgeeft aan een headliner, zorg dan ook voor veel glam. Beyoncés gouden glittershow op Coachella kostte volgens bronnen minstens drie miljoen dollar. De superster en haar tientallen dansers waren dan ook gekleed in steeds veranderende custom-made Balmain-outfits. Het zou zomaar eens de show van de eeuw kunnen zijn, of van het ­decennium. Zo leek het in ieder geval, op Instagram. Meer van dit, dus. Meer Balmain, minder geruite overhemden uit de sale van The Sting.

Laat festivalgangers een beetje goed voor de dag komen

Niet alleen de artiesten moeten fatsoenlijker voor de dag komen: niets zo erg als tussen de zwaar underdresste medefestival­gangers staan. Daar kunnen ze zelf ­natuurlijk niks aan doen. Iets heeft ze ­wijsgemaakt dat je er op een festival voor zoveel mogelijk geld zo armetierig mogelijk uit moet proberen te zien. Mensen gaan speciaal shoppen voor een voorgebleekt Iron Maiden-shirt, of een spijkerbroekje dat heel geraffineerd is kapot geknipt door kinderen in Bangladesh. Bouncers met stijlgevoel kunnen aan deze wanpraktijken een einde maken en mensen die aan dit gespeelde bohemienisme meedoen stoppen aan de poort. Wie niet binnenkomt moet de 
mogelijkheid hebben om smokings en 
designerkleren te lenen, en dat mag best bij de prijs inbegrepen zitten. Ook moet er iemand komen die vlassige baardjes ­afscheert, desnoods onder dwang. Dat is voor iedereen beter.

Het is genoeg geweest met lauw bier uit plastic

Omdat wij zo nodig alles in plastic moeten stoppen, sterven er door de plasticsoep in de Grote Oceaan aan de lopende band 
allerlei tropische vissoorten en koralen uit. Maar heb je ooit van een kristalsoep ­gehoord? Ik niet! Kristal is een hartstikke natuurlijke stof, en het drinkt ook nog eens een stuk lekkerder dan zo’n plastic beker waar je altijd een scheur in knijpt zodat er bij elke slok een straal lauw bier over je kin stroomt. En als we toch bezig zijn, we hebben dat lauwe bier ook al veel te lang gepikt, vooral als je kijkt naar wat een biertje op een festival kost: net zo veel als een fles goede champagne bij de groothandel.

Minder gras!

Gras is met afstand de onhandigste ­bodembedekking voor festivals. Je zakt erin weg, het jeukt op je huidje, het stinkt en het geeft vlekken die moeilijk uit je ­kleren gaan. Waarom worden er eigenlijk überhaupt festivals op grasvelden gegeven? Omdat de meeste organisatoren liever winst maken, in plaats van dat ze een ­hagelwit kiezelstrand of marmeren plein ­afhuren natuurlijk! Ze gaan gewoon naar de eerste de beste boer en vragen of ze het weiland mogen gebruiken. Weilanden zijn goedkoop! Ze zijn namelijk bedoeld voor koeien!

Meer foie gras!

Maar dan wel van ganzen die ook een 
beetje gepamperd zijn, niet van die zielige ­beesten die maïs uit een tuinslang door de strot geduwd krijgen. Want anders zijn wij geen haar beter dan de festival­kapitalisten die ons een pauperige lifestyle door de strot duwen.

En vooral: waag het niet ons ooit nog te laten kamperen

Een tent meesjouwen is kut, een tent ­opzetten is kut, in een tent slapen is kut, een tent afbreken is kut. Tenten zijn kut. Waarom slaap jij op een festival in een tent? Omdat de headliners, ticketverkopers en organisatoren in een vijfsterrenhotel zitten. Daar zitten ze dan met z’n allen, te lachen om hoe jij rauwe knakworsten uit blik eet in een modderpoel.

Ik eis betere accommodatie! Hotelkamers met twee tv’s voor wanneer de optredens tegenvallen. Waarom twee? Dan kun je op de één non-stop betaalzenderporno kijken en de andere uit het raam gooien. En ik wil geen overdoses deo op mijn zachte ­okseltjes hoeven spuiten omdat de ­douches kapot en druk zijn, of volgelopen met toiletwater. Ik wil bloedmooie blote modellen (m/v) die mijn ligbad laten ­vollopen en mijn handdoekjes strijken zodat ze lekker warm zijn als ik me af moet 
drogen. Ik wil lekker uitslapen, en niet mijn tent uitgebrand worden door de zon. Ik wil geen halflek luchtbedje ­waardoor ik elke ochtend met een kater én rugpijn wakker word, ik wil butlers die mijn zachte boxspring komen vervangen als ik die kapot gesprongen heb. Ik wil designstoelen in plaats van zo’n visserskrukje met ­camouflageprint dat altijd met één poot wegzakt in de modder. Ik wil ­copieuze buffetten, kroonluchters en ­airco’s. Dat mag godverdomme weleens, met die ­festivalprijzen van tegenwoordig.

Dank u.

Logo

Logo