×
footer logo
© 2017 VICE Media LLC
×

Logo Ik ging op tweede paasdag naar de meubelboulevard zodat jij dat nooit meer hoeft te doen

Vice channels
 

Ik ging op tweede paasdag naar de meubelboulevard zodat jij dat nooit meer hoeft te doen

TF
Tim Fraanje

4 april, 2018, 11:18

Ik onderzocht het mysterie dat half Nederland onverklaarbaar aantrekt en kreeg bijna een psychose.

Zondagavond vroeg mijn huisgenoot me of ik meeging naar een paasrave, maar ik was er om de een of andere reden te gaar voor. Terwijl ik Tweede Paasdag normaal gesproken bloed kotsend in bed doorbreng, werd ik nu al vroeg wakker van vrolijke zonnestraaltjes die mijn huis binnenhuppelden. In hun kielzog namen ze een enorm existentieel dilemma mee: een extra vrije maandag, WAT MOET JE ERMEE? Dit gevoel is nieuw voor me, het zal er wel aan liggen dat ik nu een baan heb en dus economisch volwassen ben. Moet ik dan ook maar gaan woonshoppen, hoewel een riante eengezinswoning of zelfs een appartement nog altijd een verre onbereikbare droom is? Ik zocht uit of ik er al klaar voor ben om een meubelboulevardmens te worden door er de hele dag rond te hangen.

9:15

Ik draai me nog een keer om: ik heb niet per se zin om te gaan, al voelt het verstandig en bijna onontkoombaar. Op Tweede Paasdag naar de meubelboulevard is net als Valentijnsdag zo’n traditie die de retailbranche ons door de strot heeft geduwd door acties en korting te beloven. Er waren veel ruzies en parkeerleed voor nodig, maar de laatste jaren zeggen steeds meer mensen het verplichte uitje vaarwel. Maar meubelboulevards hebben de crisis en hun slechte reputatie vooralsnog overleefd, en met een bezoek aan webshop kun je je gapende existentiële gat op Tweede Paasdag niet vullen. Er is dus helemaal geen reden om te denken dat de meubelboulevard passé is, en Arjen Lubach en Famke Louise scoorden er gisteren zelfs nog een Youtubehit mee. Het sterkt me in mijn overtuiging: de woonboulevard is de nieuwe kater. Yes! Let’s go.  

9:25

Ik druk toch nog een keer op de snoozeknop.

9:45

Ik ben waarlijk opgestaan. Het miezert inmiddels buiten, dus ik trek mijn lange regenjas aan.

11.30

Ik stap uit de tram bij Woonboulevard Utrecht, die ik heb uitgekozen omdat hij knus en tegelijk groot is. De boulevard vouwt zich om een hoekig grasveld vol narcissen. Vrolijk en lente-achtig. Misschien komt dat doordat nog niet alles open is, ik ben er te vroeg bij. Rondje Ikea dan maar.

De mensen met wie ik in de IKEA-draaideur sta, komen erachter dat hun golden retriever niet mee naar binnen mag en draaien weer naar buiten. Zielig.

11:40

In de showroom staat een ouder echtpaar dat bankkussens optilt en in alle laatjes kijkt. Is dat het geheim van Tweede Paasdag? Dat er eieren verstopt liggen op de meubelboulevard? Ik vind er zelf geen, kennelijk is dit gewoon hoe je je hoort te gedragen.

11:55

Op de keukenafdeling staat een sufgeconsumeerde vrouw naar een sample van een granieten aanrechtblad te kijken met schele frons. Ik heb die blik op raves wel gezien als iemand een sleutelpunt met een nogal dubieus poedertje aan het neusgat zette. “Weet je het zeker?!” Dat wordt dus een ‘ja’.

Op de kantoorafdeling oefenen kinderen alvast voor het leven dat ze tot hun tachtigste moeten gaan leiden door bellend achter een laptop te zitten. Ik loop snel door, ik ben vrij vandaag. Een man met kinderwagen komt minder goed uit de sleur en staat, zoals elke maandag, een bureaustoel af te zeiken. “Ik houd niet van leer, daar komen nare vlekken op” zegt de man. “Het is geen leer, het is kunststof,” zegt zijn vrouw.

Ik genoot even van het schouwspel van mensen die hun auto aan het inladen waren.

13:00

Na de Ikea ga ik naar het restaurant van de woonboulevard, dat midden tussen de narcissen staat, om te lunchen. Dat zie ik meer mensen doen die ik net ook al zag. Mijn restaurantburen zijn nieuw voor me: het zijn hele grondige keukenshoppers. Een man van een jaar of veertig met golvende manen en vlotte schoenen en een jonge, dromerige vrouw. Ze recapituleren. “Wat vinden we ervan tot nu toe?” zegt hij. “Ik vond die rode wel mooi,” zegt zij. “Aan het begin van de straat hebben we nog een keukenwinkel gemist…” zegt de man snel. Op zijn telefoon is hij een plan aan het maken is om te zorgen dat ze vanmiddag toch echt een weloverwogen beslissing gaan maken. Ik leer twee dingen van de grondige shoppers: 1) als deze mensen op internet een keuken gingen uitzoeken in plaats van op de meubelboulevard, zouden ze eeuwen bezig zijn. 2) Het is handig om hier een doel te hebben. Ik ga dan gewoon maar mijn toekomstige interieur uitzoeken voor het huis dat ik niet kan betalen. Wooninspiratie opdoen, heet dat in meubelboulevardjargon.

13:39

Ik volg de massa naar de “Lampidee” en de “Roobol”, waar je gordijnen en vloeren kunt kopen. De winkels zitten aan elkaar vast. Ik krijg inderdaad een lampidee. De ‘oosterse’ lamp Abu Dhabi (€119,95) zou prachtig staan boven de eettafel als ik straks mijn hypothetische hypotheek heb gekregen, en vloer Aalsmeer (€99,95 per vierkante meter) lijkt me prima voor in de bijkeuken.

14:00

Als ik naar buiten stap is het eindelijk druk geworden. Met gevaar voor eigen leven laveer ik tussen de wachtende auto’s door richting de Sanidump. Er staat een bord buiten waarop ik lees dat het vandaag “Feest” is. Bovenaan de geheimzinnige trap is inderdaad een potentieel feestparadijs: overal ligbaden, uit de speakers schalt de discoknaller Ich bin wie du en je kunt verkoopadvies krijgen in een soort kroeg middenin de winkel. Maar de kroeg is bedoeld voor advies over sanitair, de baden zijn niet aangesloten en de muziek staat te zacht. Gemiste party-kans, Sanidump. Voordat ik vertrek, overweeg ik nog de aanschaf van een nieuw doucherekje met de spectaculaire naam Butler 2000. Mwa.

Soms is het goed als een bordje aangeeft dat iets een feest is; ik had het niet in één oogopslag herkend als zodanig.

14:24

De file is nog groter geworden, je zou zelfs kunnen spreken van TOTALE VERKEERSCHAOS. Ik schrik op van getoeter. Een man met een Guccipet probeert zijn BMW langs de file te drukken. Terwijl hij wegscheurt kijkt zijn chihuahua me aan vanachter het raampje. Het is nu duidelijk de tijd om te zien en gezien te worden. Zes flaneurs in bomberjacks en panterleggings nemen de volle breedte van de boulevard in beslag, alsof we in Chersonissos zijn. Daarna gaan ze staan roken onder de luifel van een woonwinkel.

14:40

Als ik het rondflaneren beu ben, ga ik even snel een biertje drinken in de kantine van de Ikea, die me goed beviel. Op mijn weg naar buiten gaat er iets fout: ik beland per ongeluk weer op de showroom-route. Het geeft me een Groundhog Day-achtig gevoel van déjà-vu. Wéér hetzelfde tempo, weer mensen die dezelfde afwegingen maken tussen verschillende deurknoppen en tafelpoten, weer een nieuwe groep die hun ‘unieke garderobekast’ aan het samenstellen is op de computer.

15:10

Na dit rondje doe ik er gewoon nog één, gewoon voor het surrealistische effect. Als ik onderweg aan een eettafel ga zitten om een beetje uit te rusten, beginnen twee kritische vrouwen van een jaar of dertig de lamp boven mijn hoofd te inspecteren. “Deze is van messing.” Ze kijken dwars door me heen, terwijl ze zo dichtbij me staan dat ik hun adem op mijn gezicht kan voelen. Alsof ik deel ben van het interieur.

Besta ik eigenlijk nog wel? De hele dag zie ik hier al mensen die vastgelopen lijken te zijn: ze staren in een nep-huiskamer naar een tv die niet aan is, of voeren een discussie op een bank alsof ze er wonen. En ik merk dat ook ik steeds meer het gevoel krijg dat ik onderdeel ben van deze Ikea-wereld. Komt het soms doordat ik teveel rondjes loop zonder een bank of keukenblad te kopen? Zal ik voor straf voor eeuwig in deze eindeloze loop blijven hangen?! Verdwijnen er wel eens mensen in de meubelboulevard op Tweede Paasdag?!?!?!

Al duizenden jaren luidt het paasfeest de nieuwe lente in.

16:00

Ik weet mezelf te weerhouden van een derde rondje en voorkom zo een totale psychose. In het woonboulevardrestaurant kom ik tot rust. Nostalgisch staar ik in mijn halflege glas. Hoe zalig was die tijd dat ik gewoon dom in de ballenbak van de Ikea kon gaan liggen, totdat werd omgeroepen: “Tim wil graag opgehaald worden uit het speelparadijs”. Maar ik durfde nu niet eens meer in de richting van de ballenbak te kijken, omdat doelloos rondlopen in een kinderrijke omgeving met een lange regenjas aan al verdacht genoeg is.

16:25

De paasdrukte lijkt na mijn bier alweer over, misschien was de file van net een uittocht. In de Kwantum hangt een vreemde postapocalyptische sfeer, bij de Beter Bed staat een laatste klant te twijfelen tussen een koudschuim en een latex matras, medium hard. Het is compleet slaapverwekkend, en voordat ik hier verleid wordt om vermoeid ineen te storten op een fijn bed, vlucht ook ik weg.

17:00

Hijgend zit ik in de tram. Een meubelboulevardmens ben ik vandaag niet geworden. Ik heb weinig ellendige ruzies en parkeerleed gezien, maar nergens word je zo geconfronteerd met de verwachtingen die het kapitalisme aan je stelt als op de meubelboulevard – en dat ik in economisch limbo zweef, helpt ook niet echt. Misschien vind ik woonshoppen opeens leuk als ik straks een heel riant salaris en een dito huis heb, maar geef mij voorlopig maar even de andere soort kater – bloed kotsen in bed is een stuk dragelijker.

Logo

Logo