×
footer logo
© 2017 VICE Media LLC
×

Logo Ik probeerde rijk te worden door met een metaaldetector naar schatten te speuren

Vice channels
 

Ik probeerde rijk te worden door met een metaaldetector naar schatten te speuren

TF
Tim Fraanje, Foto's: Lotte Schrander

20 maart, 2018, 15:41

Op de ledendag van De Detector Amateurs gaven doorgewinterde schatzoekers me tips.

Een ijskoude bries raast over de kale Gelderse akker. Gevoelstemperatuur -12. Het lijkt de dapperen die links en rechts naast me staan opgesteld helemaal niks te doen. Met fleecevesten, sjaals voor hun gezicht, camouflagekleding en vooral met hun strijdlustig kolkende bloed houden ze zichzelf warm. Het is stil en iedereen zwijgt, behalve twee mannen in oranje hesjes. Zij tellen af, en dan krijgen we het teken om te gaan. De metaaldetectors zakken naar de grond en de zwerm zoeft weg. Laag over de grond, als hongerige sluipwespen.

Vorige week werd er nog een Romeins grafveld gevonden onder zo’n zelfde akker als deze. Er werden prachtige bronzen vazen, glazen flessen en sieraden opgegraven die de doden mee kregen op hun laatste reis. Helaas waren de vinders professionele archeologen, die de schat rechtstreeks in de gretige handen van Rijkswaterstaat speelden. Vandaag ben ik hier met vereniging De Detector Amateur. Als je tijdens een metaaldetectortocht wat vindt, mag je het sinds kort zelf houden: elk omgeploegd weiland is dus een potentiële vindplaats van rijkdom en schitterende schatten!

De zoektocht is vanochtend begonnen bij het verzamelpunt, een partycentrum. Er is een gespecialiseerde markt opgezet: een kraam met boeken vol metaaldetectortips en informatie over oude munten, er worden allerlei gadgets verkocht en er zijn experts die vanachter hun weegschaaltjes en microscopen je vondsten kunnen analyseren. Detectorfans staan te dringen voor de kraampjes. Twee brede mannen staan schouder aan schouder de waar te inspecteren, gekleed in identieke hesjes vol met opstrijkemblemen. Eén van hen heeft een imposante druipsnor. Ze zijn trotse bezitters van een Garrett: de Harley onder de metaaldetectoren.

Wie niet bij de kraampjes staat, vertelt elkaar sterke verhalen. Ik vang bijvoorbeeld wat op over twee Britten die voor het eerst met de detector op pad gingen. “Ze lopen de deur uit, en, ding ding ding: een goudschat van hier tot Tokyo!” Volgens mij is dit een aangedikte versie van het mythische verhaal over de grootste vondst ooit. Dit soort beginnersgeluk is precies waar ik op hoop. Er wordt ook onderling opgeschept, over wie de grootste toewijding heeft: “We waren drie uur bezig en ik zat helemaal onder de bagger”. Eén detectoramateur laat op een roze fotocameraatje aan een collega zien wat hij de laatste tijd allemaal heeft gevonden. Hij gaat er zo in op dat hij daarna beteuterd moet constateren dat zijn half opgegeten broodje frikandel koud geworden is.

Ik raak in gesprek met Kees Leenheer, de redacteur van Detector magazine. Samen met zijn zoekmaat Johan Koning heeft hij ooit de beroemde zilverschat van Cothen gevonden, vertelt hij trots. Die ligt nu zelfs in het Rijksmuseum van Oudheden. Als je zoiets verkoopt, kun je best lekker cashen. Kees moest de opbrengst delen met Johan, en de bezitter van de grond kreeg (conform de wet) ook de helft, maar van het totaalbedrag kon je “een flinke auto” kopen. Niet dat Kees dat heeft gedaan, hij had al een auto. En een nieuwe metaaldetector had hij ook niet nodig.

Voor mij zou dat dan weer geen overbodige luxe zijn geweest. Want hoewel de detector waarmee ik nu over de aarde zwiep net uit de verpakking komt, doet hij nogal onder voor de enorm professionele apparaten waarmee de anderen in de weer zijn. Ik dacht voor 30 euro op Bol.com wel een leuk exemplaar te hebben aangeschaft: blauw met geel. Maar het is een tegenvaller. Mijn medezoekers hebben allemaal koptelefoons op, en hun detectoren geven verschillende geluidjes bij verschillende materialen. Klein ijzer kun je er zo uit filteren, zodat je meer kans hebt om goud en zilver te vinden. Mijn detector geeft alleen maar soms een keiharde constante “piep” en er lijkt geen enkele relatie te zijn met het metaal in de grond. Bovendien ben ik mijn schep vergeten en is mijn detector nogal klein, dat zag ik op de Bol-foto niet echt. Ik had hier nog beter met een Swiffer kunnen gaan rondlopen.

Hier zie je mij aankloten met mijn speelgoeddetector.

Deze vrouw is zo te zien een zeer professionele amateur.

Deze twee mensen ook. Let vooral op het uiterst doeltreffende camouflagepak.

Het aanstekelijke goudkoorts-gevoel dat ik in het partycentrum gekregen had, ebt weg. Ik ga niks vinden met mijn ondermaatse detector. Gefrustreerd en gekleineerd breek ik mijn zoektocht dus al na een kwartier af. Niemand keurt me een blik waardig terwijl ik afdruip, terwijl ik mezelf echt keihard zou hebben uitgelachen als ik die professionele amateurs was. Maar er zijn belangrijkere dingen: bodemschatten. Om me heen zijn ze al geconcentreerd aan het graven, of al verder gerend naar de volgende wei zodat ze daar als eerste de grond kunnen afspeuren. (Als je wilt zien hoe een meer succesvolle metaalzoektocht eruit ziet, kijk dan dit filmpje over deze dag, van een vlogger).

Als ik terugkom in het partycentrum, is dat bijna uitgestorven. Er zitten nog een paar vrouwen op leeftijd aan tafeltjes met een plastic plantje erop. Ze zitten een kruiswoordpuzzel te maken, of kijken schaatsen op een tablet terwijl hun partners/kinderen/kleinkinderen op jacht zijn naar een fortuin. Ook de standhouders zijn er nog. Ik ga aan detectorverkopers advies vragen. Misschien hebben ze wel een mooie aanbieding voor me zodat ik nog snel even wat schatten kan vinden.

Verlekkerd kijk ik naar de geavanceerde detectors, die allemaal zijn uitgerust met een schermpje waarop je de resultaten van allerlei metingen kunt zien. Toch moet ik een flinke investering gaan doen, om dat laatste halfuurtje van de zoekwedstrijd nog mee te pakken. “Onze goedkoopste detector is 59 euro. Dat is ook een kinderdetector, maar dan een echte, geen speelgoed. Dan kun je tenminste wat vinden. Vanaf 80 euro hebben we ook detectors met een lange steel.” zegt Adrie van der Bolt van Detector Plaza, die al vanaf 1978 metaaldetectors verkoopt en zelf ook enthousiast zoeker is. Dat geld ga ik er nu niet aan uitgeven, en al hun huurdetectors zijn reeds weg. Die had ik wel mogen meenemen van Adrie. Ik weet het bij zijn zoon William (die inmiddels de zaak heeft overgenomen), voor elkaar te krijgen dat ik er bij de volgende meeting gratis een kan lenen, in ruil voor het noemen van de bedrijfsnaam. Maar op dit moment heb ik niets aan mijn toekomstige job als metaaldetector-influencer.

Sip ga ik zitten wachten tot de prijsuitreiking, nieuwsgierig naar wat er gevonden is, maar ook nú al verbolgen over de dingen die ik ben misgelopen. Ik dood de tijd door wat paaseitjes te eten uit een mandje dat daar staat, en koop ook wat lootjes voor de loterij van een meisje dat daar al de hele tijd mee loopt te leuren. Misschien heb ik daarmee meer geluk: de hoofdprijs is een metaaldetector!

Dan vult ineens de geur van aarde het partycentrum: de wedstrijd is afgelopen en de amateurs komen binnengemarcheerd. Ze gaan zitten en stallen hun vondsten voor zich uit: hoopjes metalen voorwerpen: halve sleutels, varkensoormerken, sluitingen van hekken, knopen en muntjes. Ik trek dat soort ondefinieerbare rommel sowieso altijd al aan, en dat gooi ik dan in een laatje waar ik steeds wanhopiger van word. Ik ben blij dat ik dit niet mee naar huis hoef te nemen!

Deze detectoramateur heeft zowaar leuke dingen gevonden.

Naast mij deelt een lokale detectoramateur wat modderige buitenlandse muntjes uit aan een jongen van een jaar of 12. Een vriend van de detectoramateur vindt het een cadeau van niks: “Ik geef je er een euro voor, dan kun je nog wat leuks doen op de kermis.” gnuift hij. Maar de jongen schudt serieus van “nee” en stopt de muntjes veilig in zijn zak.

Dit is een andere metaalzoeker die wat gevonden heeft.

“Hallo?” Er schalt een harde piep door de zaal. De presentator van de prijsuitreiking klopt op zijn microfoon. Misschien win ik met mijn lootjes toch nog wat leuks, zonder te hebben hoeven wroeten, al kon je ze ook in de grond vinden. De prijzen zijn niet verkeerd: “Muntenalmanack… nummer 86; verzamelset met de laatste guldens, een deel ervan… 654. Het boek Romeinen in Nederland…” – “Die heb ik al!” roept iemand achterin de zaal.”

Ik heb natuurlijk weer niks gewonnen. Als de hoofdprijs wordt uitgereikt, een hightech detector in een futuristische doos, klinkt er in het applaus bewondering maar ook afgunst door. Dan is het tijd voor de vondst van de dag. Vol spanning wacht iedereen af. “De winnaar is: het loopje van het pistolet (een damespistool, red.). Een leuke vondst.” De winnaar krijgt zijn prijs, een detectoraccessoire dat ik niet kan plaatsen, en een applausje. Meteen daarna staat iedereen tegelijk op en spoedt zich de deur uit. Het is nu vijf uur, terwijl de dag om negen uur vanochtend al begon. Het is mooi geweest.

De vitrine met de meest bijzondere vondsten. Bovenaan zie je het pistolet.

Ik ga met lege handen naar huis, maar er is eigenlijk niemand echt rijk geworden, al zijn er inderdaad “leuke vondsten”  gedaan. Maar een grote schat, zoals die van Kees en Johan, vind je maar één keer in je zoekerscarriere. Je kunt er wel enige invloed op hebben, door slim de plek te kiezen waar je zoekt. Langs de rivieren in gebieden die vroeger rijk waren schijnt veel te liggen, maar de precieze plekken houden ze natuurlijk voor zichzelf, dat geven ze niet aan me weg. Als je zeker wilt zijn van goede winsten, zorg dan dat je een metaaldetectorwinkel opent. De detectoramateurs zijn net zo toegewijd aan glinsteringen, historie en archeologie als de F-side toegewijd is aan Ajax. Alleen zoeken de detectorfans liever muntjes en andere minuscule voorwerpen dan een flinke rel. En een mooie uitrusting kopen is al de helft van de lol.

Logo

Logo