×
footer logo
© 2017 VICE Media LLC
×

Logo Uber blijft verlies lijden tot het een monopolie heeft

Vice channels
 

Uber blijft verlies lijden tot het een monopolie heeft

SK
Sam Kriss

6 oktober, 2017, 17:50

En dan zijn wij al in consumerende robots veranderd.

Foto via Flickr-gebruiker Jason Tester Guerilla Futures

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op VICE Canada

Uber zou eigenlijk gewoon een staatsbedrijf moeten worden. Nu Londen eindelijk de vergunning van het taxibedrijf heeft ingetrokken moet er geen tijd meer verspild worden aan halve maatregelen. Uber heeft inmiddels meer dan voldoende bewezen dat het zijn werk niet goed kan doen. Het bedrijf had bijna een monopolie en heeft geen respect voor de veiligheid van klanten, chauffeurs, of de wet. Dat kunnen wij met z’n allen toch veel beter?

Het is natuurlijk niet genoeg als we alleen de ergste excessen van het technokapitalisme aanpakken, door te zeggen dat we in het belang van eerlijkheid en fatsoen niet meer met de magische taxi mogen gaan die altijd en overal uit het niets opduikt. Of als we zeggen dat je niet meer de maaltijden mag eten die je alleen hoeft aan te klikken op je computerscherm om ze vervolgens voor je voordeur te vinden. Of dat je niet meer mag staren naar vakantiekiekjes op Facebook, waar iedereen doodongelukkig van wordt. Nee, als we succes willen hebben met ons plan voor een betere wereld, moeten we laten zien dat we alles kunnen wat de duistere megabedrijven van Silicon Valley kunnen — alleen dan beter, vriendelijker, minder roofzuchtig en minder kwaadaardig. De oplossing moet niet op het laatste superwapen van een of andere kwade genius uit Californië lijken, maar een samenwerking zijn tussen honderden mensen die een betere wereld voor zichzelf willen bouwen. We zouden Ubers platform en infrastructuur kunnen overnemen, of zelf een nieuw platform kunnen bouwen. Dat platform moet het gemeenschappelijk eigendom worden van chauffeurs, in plaats van de chauffeurs op te jagen en op hoge snelheid door de stad te laten rijden om te ontsnappen aan armoede. In plaats van dat het geld in de zakken van harteloze, onzichtbare investeerders verdwijnt, moet de winst die Uber gebruikt om de wereld te veroveren teruggaan naar de chauffeurs. Zij zijn de mensen die het allemaal mogelijk maken en ons een goedkope, snelle rit bezorgen.

Het is een mooi idee, en het zal waarschijnlijk ook een populair idee zijn. Maar het realiseren ervan wordt lastig om een simpele reden: er wordt helemaal geen winst gemaakt.

In zijn gehele geschiedenis heeft Uber nog nooit winst gemaakt. Alleen al in 2016 verloor het bedrijf 2,6 miljard dollar. Het idee om dit soort techplatformen om te vormen tot staatsbedrijven om ze op het rechte pad te krijgen, gaat compleet voorbij aan wat deze bedrijven in werkelijkheid zijn: niet de productieve kapitalistisch bedrijven die we dachten dat ze waren, maar bedrijven die het kapitalisme kapotmaken. Uber is niet het bedrijf dat bruikbare spullen uitspuugt en winsten omzet in kapitaal, maar een bedrijf dat op een meedogenloze manier het hopen op een betere wereld een nutteloos tijdverdrijf maakt.  

En Uber is niet alleen. Twitter staat al sinds het bestaat in het rood. Net als Spotify. En Snapchat, dat kort geleden zijn investeerders meedeelde waarschijnlijk voor altijd zo armzalig te blijven. Facebook heeft er jaren over gedaan om de gigantische database aan leden om te zetten in iets dat enkel de kosten dekt. En lange tijd was ook Amazon er niet toe in staat om iets te verdienen. Ze maakten maar langzaam winst, of helemaal niet — ook al plunderde het bedrijf de hele wereld, door kleinere bedrijven die lang gezond waren kapot te maken, terwijl winkelen maar een klein onderdeel was van het sterrenstelsel dat Amazon inmiddels is geworden.

Deze bedrijven verdienen hun geld niet door hun dagelijkse bedrijfsvoering. In plaats daarvan zuigen ze kapitaal op. Laten we eerlijk zijn: de reden waarom jij er gebruik van maakt — en ik tot voor kort trouwens ook — is omdat het zo goedkoop is. Dit komt niet alleen omdat Uber de mogelijkheid heeft om chauffeurs nauwelijks iets uit te betalen, maar ook (en vooral omdat) iedereen die een ritje met Uber maakt enorm veel  korting krijgt. Als passagier betaal je maar 41 procent van de kosten van de rit, de rest wordt gedekt door de grote bedragen die investeerders in het bedrijf pompen. Uber kan zo, door een betere prijs te geven dan traditionele taxibedrijven, op een meedogenloze manier de concurrentie vermorzelen.

Foto door Tom Usher

Dit is hoe die bedrijven werken: ze maken verlies totdat ze een monopolie hebben. Tegen de tijd dat ze de hele markt domineren, hebben ze hopelijk een manier gevonden om hun investeerders terug te betalen. Dit is wat Facebook en Amazon gedaan hebben. En Uber heeft ook een plan. Een bijzonder onprettig plan. Uber is namelijk nooit bedoeld als taxibedrijf. Dat was slechts het begin. Uber wil op den duur vooral zelfrijdende auto’s gaan financieren. Dit kan jouw auto ook goedkoper maken. Nadat jij bent afgezet op je werk, is je auto vrij om verder te rijden en andere mensen op te halen, die hij lokaliseert aan de hand van een ingebouwde gps. Maar als je auto kapot gaat, moet jij wel voor de kosten opdraaien. Uber plant een wereld waarin niets meer van jou is behalve de schade.

Dit is één verklaring. Maar er is ook iets anders aan de hand. Ubers investeerders verliezen miljarden dollars per jaar; er moet dus iets zijn wat ze trekt, behalve de belofte dat alles goedkomt als er eenmaal een zelfrijdende auto in elke garage staat en een chip in ieder stel hersens zit. Je kunt je afvragen of bedrijven als Uber en Amazon een rol vervullen die wat weg heeft van de rol die de staat vroeger speelde, nog voor het neoliberalisme: het is niet hun taak om zelf winst te maken, maar om ervoor te zorgen dat de infrastructuur zo goed onderhouden wordt dat de winst door anderen gemaakt kan worden. Ubers aandeelhouders kopen de wereld.

Uber is niet zomaar een bedrijf. Het dient als model voor de nieuwe economische structuren die overal in de ontwikkelde wereld ontstaan. Het overtreedt straffeloos de wetten van de overheid (let op: Londen zal uiteindelijk ook wel weer zwichten). Zo ongeveer elk nieuw techbedrijf zal een soort Uber worden: er komt een Uber voor honden, een Uber voor onderwijs, een Uber voor verdriet. Het is een machine voor het opbouwen van menselijke relaties. We strompelen hulpeloos door het donker totdat een algoritme iemand je bij iemand anders in de auto zet. Zo worden al onze relaties transactioneel, en worden ze allemaal geautomatiseerd — van fooi geven tot een gesprek voeren — in Uberachtige platforms. Het is niet alleen computertechnologie, het is een sociale technologie, ontworpen om ons te individualiseren en te veranderen in consumenten en ondernemers, niets meer en niets minder, om ons uiteindelijk eenzaam en machteloos achter te laten.

Er zijn pogingen geweest om Ubers platform aan te passen om minder bloeddorstige sectoren te beschermen — New York heeft bijvoorbeeld een op de Uber-app lijkende applicatie voor het optrommelen van een traditionele gele taxi. Maar een namaakversie van Uber zal simpelweg het origineel of de gewetenloze kopie ervan niet naar de kroon steken, omdat die niet het voordeel heeft van de flinke voorraden geld die investeerders in Uber pompen. Een volledig door de staat beheerste variant zou zijn geld dan wel uit subsidies kunnen halen — maar het zou nog steeds met iedere klik op elk vet-geworden iPhone scherm de voorwaarden voor een roofzuchtig en uitbuitend kapitalisme genereren.   

Maar er is een alternatief. Ook vóór Uber hadden we al alles dat we nodig hadden om ons op een vrijdagavond dronken door de stad te rijden, en wel zo dat het de bevolking niet in kleine stukjes individualisme opbreekt. We kunnen het weer doen zoals we het jaren geleden deden, toen we nog schreeuwden en op ramen bonkten. We kunnen teruggaan naar de levendige stank van kots en schiftende drank, het gekrab aan de stoffige stoelkussens: terug naar de tijd dat we nog in de bus zaten en genoten van het hypnotiserende landschap dat voorbij schoot.

Het is tijd om gewoon weer ouderwets de nachtbus te pakken als we uit zijn geweest.

Logo

Logo