×
footer logo
© 2017 VICE Media LLC
×

Logo Ik werd rijk met pokeren, maar hield er een gigantisch litteken aan over

Vice channels
 

Ik werd rijk met pokeren, maar hield er een gigantisch litteken aan over

A
Anoniem

17 augustus, 2017, 11:37

Ontboezemingen van een jonge pokerspeler.

Beeld via Flickr-gebruiker dupo-x-y

Online pokeren associeer je waarschijnlijk met maffiosi, morsige vijftigers met zonnebrillen en vapende hackers die liters Mountain Dew drinken. Tot je het verhaal hoort van een piepjonge Belg die er schatrijk mee werd. Hij vertelt aan VICE Money hoe pokeren zijn blik op de wereld vormde, hoe hij jaren later nog steeds de vruchten plukt van zijn lucratieve bijbaantje, maar ook hoe hij er een gigantisch litteken aan overhield.

Ik herinner me mijn eerste potje pokeren nog goed. Ik was zeventien en net begonnen met studeren. Het studentenhuis waar ik woonde organiseerde een pokertoernooi. Ik werd tweede, en dat zette me aan het denken: ik hield al van online gamen, maar in plaats van XP scoren in World of Warcraft, kon ik ook echt geld verdienen met online pokeren.

Zo gezegd, zo gedaan. Ik schreef me in op een pokersite en begon me te verdiepen in de wereld van poker. Ik struinde blogs af, bracht uren door met strategieën bedenken en verslond literatuur over statistiek. Al snel ontdekte ik dat er een fascinerende wereld schuilgaat achter het pokerspel. Om een goede speler te worden, moest ik de aard van het beestje kennen en dus leerde ik bij over de psychologie van de mens. Stap voor stap werd ik beter. Ik had het destijds niet door, maar ik werd steeds meer bereid om mijn ziel aan de duivel te verkopen.

Ik kreeg van een website vijftig euro ‘gratis’ speelgeld, waarmee ik kon beginnen. Ik was geen roekeloze speler, maar berekende nauwkeurig hoe ik het beste mijn geld kon investeren. Ik had het gevoel dat ik de touwtjes in handen had. Toen het geld binnen begon te stromen, was ik niet verbaasd.

Ik begon voorzichtig, met tafels waar de inzet telkens twee euro was. Een jaar later speelde ik elke avond op een zes tafels tegelijk, waar ik per tafel 400 euro inzette. Soms verloor ik 1000 euro op een avond, soms won ik 1000. Als achttienjarige verdiende ik met een nachtje pokeren meer dan mijn ouders, en dat zonder ooit een cent van mezelf uit te geven. Ik had niet het gevoel dat ik verslaafd was. De wereld lag aan mijn voeten en de kick van geld verdienen en het winnen van een spel was heerlijk.

Ondanks de euforie verloor ik de controle niet. Ik ben geen big spender. Ik trakteerde geregeld mijn vrienden en maakte uitstapjes, maar bleef met mijn benen op de grond. Althans, dat dacht ik.

Ik had een groepje vrienden waarmee ik regelmatig in het echt kaartte. We speelden met een inzet van twintig euro, terwijl ik online al duizenden euro’s verdiende. Ik besloot dat het tijd werd om voor het grote geld te gaan – zonder mijn vrienden – en begon pokertoernooien te organiseren in mijn studentenkamer. Spelers uit het hele land, van studenten tot bankdirecteuren, kwamen voor bakken geld spelen in mijn kleine keukentje. Hoog tijd om te verhuizen, dus.

Samen met een vriendin huurde ik een mooi appartement. We kochten een luxueuze pokertafel en organiseerden verschillende avonden. Een Russische vriendin met prachtige benen zorgde voor de drankjes, en een vriend was dealer. We serveerden hapjes en ongelimiteerde drank. We verdienden, buiten het pokergeld, zeshonderd euro per avond; puur en alleen entreegeld. Dronken pokeraars spelen roekeloos, dus ook het pokergeld stapelde zich op. Soms kwam een vaste klant niet opdagen, omdat hij de avond ervoor zijn villa had vergokt of uit huis was gezet door zijn vrouw.

Het lijkt een sprookje, maar de verf begon langzamerhand af te bladderen. Pokeren is een subcultuur, een gemeenschap. Je komt er makkelijk in, maar eruit stappen is haast onmogelijk. Om me heen zag ik pokervrienden hun leven vernielen. Er is een soort verwachtingspatroon waar je aan moet voldoen: als je geld verdient, moet je het uitgeven. Status, geld, vrouwen en drugs zijn voor veel pokeraars vaak het enige dat telt.

Het is een onzeker wereldje en het feit dat je iets illegaals doet helpt ook niet echt mee.

Als zeventienjarige pokeraar had ik eigenlijk geen rechten. Het werd op pokersites door de vingers gezien, want ik bracht geld in het laatje. Het was lange tijd een grijs gebied, tot de overheid besliste om pokersites beter in de gaten te houden. Een jaar lang werd er 4000 euro van me vastgehouden op een Amerikaanse site en in België werd ik, zonder dat ik mijn geld kreeg, van de site gegooid. In één klap was ik 3000 euro kwijt.


Beeld via Flickr-gebruiker Rafael Antonio

Het werd me steeds duidelijker dat de mensen in de pokerwereld niet leuk zijn. Het zijn ongure, trieste mensen. Ze zijn makkelijk te manipuleren, gefrustreerd en ongelukkig. Vooral toen ik naar casino’s in Engeland en Frankrijk ging, waar ik als achttienjarige wel naar binnen mocht, kreeg ik schoon genoeg van het pokerwereldje. Als je online speelt zie je enkel schermnamen, maar als je om vijf uur ‘s nachts in een casino zit te pokeren, zie je treurige figuren achter hun schermpje hun laatste geld uitgeven. Het is tragisch. Het feit dat ik vervolgens die emotioneel zwakke mensen moest manipuleren, was confronterend. Dat bleef plakken als ik een uur later naar huis liep met duizenden euro’s in mijn zak.

Ik vergaarde een klein fortuin met pokeren, maar ik ging er fysiek en mentaal aan onderdoor.  Ik heb een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Als ik een keer verloor door domme pech, kon ik daar niet mee omgaan. Het feit dat je dan ook nog eens in één klap duizend euro verliest, maakte het alleen maar erger. Mijn lontje werd korter, ik raakte gefrustreerd en begon signalen van posttraumatische stress te vertonen. Na een lastige avond sloeg ik een deuk in mijn computer en een andere keer schopte ik uit boosheid tegen mijn bed en brak mijn teen.

In de zomer van 2015 besloot ik dat het genoeg was geweest. Ik had geen herexamens en had me voorgenomen om heel die zomer fulltime te werken als online pokerspeler. Na het pokeren ging ik frisbeeën met mijn vrienden. Door het vele klikken met mijn muis en vervolgens te slingeren met een frisbee, kreeg ik ontstekingen aan mijn linkerarm. Ik moest geopereerd worden en kan nu nog steeds mijn arm niet goed gebruiken. Ik heb er een gigantisch litteken op mijn linkerarm aan overgehouden, dat me telkens confronteert met het feit dat ik mezelf fysiek heb verwaarloosd.

Als ik er nu, tien jaar later, op terugkijk, besef ik me dat die periode effect heeft gehad op mijn relaties. Ik raakte vervreemd van mijn familie. Ik speelde ‘s nachts, was prikkelbaar en onvriendelijk. Mijn ouders waren bezorgd, maar gaven me wel de vrijheid om zelf te ontdekken dat pokeren geen waardevolle besteding is van je leven. Eén ding herinner ik me als de dag van gisteren: de blik van mijn zus als ik agressief was. Ze was bang van me, en dat vind ik vreselijk. Ik vraag me soms af hoeveel last ze er nu nog van heeft. Of ze nog steeds bang van me is. Of ze getraumatiseerd is. Maar dat durf ik haar niet te vragen.

Poker is een duister spel, boordevol ongure types. Je verkoopt je ziel aan de duivel als je enkel en alleen geld verdient door gebruik te maken van de verslaving of zwakte van anderen. Voor je het weet zit je in een diepe put. Ik ben zo blij dat ik eruit ben gestapt voor het te laat was.

Toch heb ik geen spijt van die periode. Integendeel. Ik kan nu nog steeds leven van het geld dat ik verdiende en steek al mijn energie in goede doelen, zoals onderzoek naar hoe we onze ecologische voetafdruk kunnen verkleinen.

Maar vooral heb ik erg veel geleerd over mezelf. Het klinkt cliché, maar deze intense periode, met alle hoogte- en dieptepunten, hebben me gemaakt tot wie ik ben. Pokeren is een mindset, een instrument om beslissingen mee te nemen: ik heb abstracte theorieën in de praktijk gebruikt en kreeg inzichten in de menselijke psyche, waaronder die van mezelf. Ik heb mijn leven laten dicteren door kansberekening, alsof elke beslissing me kan doen laten ‘winnen’ of ‘verliezen’. Het maakte me onrustig. Ik moet mezelf nog elke dag vertellen dat het proces dat je doorloopt veel belangrijker is dan de uitkomst. Niet elke kans moet je grijpen. Niet elke beslissing moet geld opleveren. Niet elke keuze moet leiden naar de jackpot.

Zoals verteld aan Djanlissa Pringels

Logo

Logo