×
footer logo
© 2017 VICE Media LLC
×

Logo Waaraan ontleent geld eigenlijk zijn waarde?

Vice channels
 

Waaraan ontleent geld eigenlijk zijn waarde?

PN
Pepijn Nagtzaam

8 juni, 2017, 12:28

Plastic, metaal en papier zijn als materiaal maar weinig waard. Hoezo werkt het systeem van geld dan toch zo ongelooflijk goed?

Als jij in de kroeg acht bier bestelt kost dat je geld, waarschijnlijk een eurootje of twintig. De barman of -vrouw tapt je biertjes, jij krijgt acht schuimende glazen voor je neus. Je overhandigt een twintigje dat de barman in de kassa stopt, deelt het bier uit, en iedereen is blij. Maar wat als jij acht bier bestelt, en de kastelein accepteert je twintigje niet? Wat een rare kwibus, denk je waarschijnlijk, ik probeer het hiernaast wel. En als die kroeg je geld ook niet wil hebben, wat dan? Als ze zeggen dat je niet moet denken dat je hier voor een vodje papier gratis dronken kunt worden? Dan ga je waarschijnlijk twijfelen aan de waarde van je papiergeld.

Waarom geloven we eigenlijk dat een velletje papier echt iets waard is? Waarom vertrouwen we met z’n allen in metalen munten en plastic passen en bliepjes? En hoezo blijft dat systeem zo goed werken? Omdat ik zelf makkelijker geld uitgeef dan dat ik er slimme dingen over schrijf, sprak ik met filosoof en econoom Floris Heukelom (39). In Nijmegen is hij universitair docent Economische Theorie en Economisch Beleid, en hij schreef het boek Begrijpen we het nog? Gedragseconomie voor Nederland.

Floris van Heukelom. Foto door Kelley van Evert

VICE Money: Hoi Floris, kun je uitleggen hoe geld nou eigenlijk werkt?
Floris Heukelom: Geld ontstond zo’n drie- tot vierduizend jaar voor Christus, samen met de handel. Het is vrij logisch. Stel: ik heb een koe en jij kan schoenen maken. Als jij dan toevallig tien paar schoenen op voorraad hebt terwijl ik van m’n koe af wil, dan kunnen we ruilen. Maar vaak heb jij maar twee paar schoenen, en daar kan ik m’n koe niet voor wegdoen. Daarom gingen mensen schuldbewijzen maken, waarop stond dat ik nog acht paar schoenen van je kreeg.

Dus geld is eigenlijk een schuldbewijs?
Ja, in de basis wel. Geld is nooit ontstaan om het geld zelf te ruilen, het is ontstaan als middel om het probleem van uitruiling van goederen en schuld op te lossen. Met zo’n schuldbewijs had je de garantie dat je nog iets van iemand tegoed had. Zo’n schuldbewijs kon je ook ruilen tegen iets anders, bijvoorbeeld brood.

Maar hoeveel brood koop je voor een schoen?
Brood is inderdaad van een andere waarde dan een schoen. Er werd daarom gezocht naar een gemeenschappelijke deler, iets wat te standaardiseren is, voor iedereen herkenbaar en als schuldbewijs kan gelden. Daarvoor werden al snel edelmetalen of schelpen gebruikt.

Een aardige hoeveelheid euromuntjes. Foto via Max Pixel

Dus metalen muntjes bestaan al sinds het begin van geld? Waarom metaal, en niet iets anders, zoals bladeren, of melktanden?
Er werden ook andere dingen gebruikt. Op een eiland in Micronesië, Yap, gebruikten ze enorme ronde stenen als schuldbewijzen. Het maakte niet uit waar die stenen lagen en je kon ze moeilijk verplaatsen, maar die stenen wisselden continu van eigenaar.

Dat is onhandig. Wie neemt er nou een steen mee om te betalen?
Dat deden ze dus ook niet. Van die stenen wist iedereen waar ze lagen en van wie ze waren, en mensen vertrouwden elkaar. Een van die stenen zou volgens de verhalen zelfs op de bodem van de zee hebben gelegen. Omdat iedereen wist dat er een enorme steen op de bodem lag, werd de eigenaar van die steen alsnog erkend, en kon-ie ook verhandeld worden.

Waarom werkte dat?
Nou, dat werkt dus alleen als je elkaar vertrouwt. Als ik over een half jaar terugkom met mijn schuldbewijs om mijn laatste paar schoenen (dat ik nog kreeg voor die koe) op te halen, moet ik ervan uit kunnen gaan dat jij die schoenen levert. Als jij geen schoenen geeft en zegt dat het schuldbewijs niets waard is, dan gaat het fout. Zo werkt het ook op dat eiland. Als iemand de waarde van die stenen ineens in twijfel trekt, dan kun je daar weinig tegen doen. Dat is niet erg als die persoon alleen is, maar als veel mensen dat gaan doen zijn de stenen straks echt niets meer waard, omdat niemand meer gelooft in de waarde ervan. Zo is het met geld ook.

Een huis in het dorp Amin op het eiland Yap in Micronesië. De grote ronde stenen waren geld, om het op te tillen en te verplaatsen werd er een stok door het gat heen gestoken. Foto via Flickr

Hoe wordt er gezorgd dat we in geld blijven vertrouwen?
Daar zijn verschillende manieren voor. Dat kan door een schuldbewijs te gieten in de vorm van iets zeldzaams, zodat je het niet zomaar kunt namaken. Dat zag je bij die grote stenen op Yap, maar ook bij dingen als schelpen, zilver of goud. Na de Tweede Wereldoorlog werd de dollar aan goud gekoppeld, en de andere munten aan de dollar. De dollar was tegen een vaste koers inwisselbaar voor goud, zo wisten we dat-ie z’n waarde zou houden. Maar dat heeft ook een nadeel: als een munt vastzit aan goud is er maar een beperkte hoeveelheid geld, en kan er niet meer geld bijgemaakt worden als we welvarender worden. In 1973 is de goudstandaard losgelaten omdat er te veel dollars werden bijgedrukt. Nu zijn de westerse munten gebaseerd op vertrouwen in het systeem. Verschillende instituten zorgen ervoor dat er morgen niet opeens twee keer zoveel euro’s zijn. De Europese Centrale Bank in Europa houdt toezicht op de prijsstabiliteit, waardoor inflatie gecontroleerd wordt. Dat doet de ECB samen met andere centrale banken van landen in de Eurozone.

Wat nou als jij, ik en al onze vrienden morgen ons vertrouwen in geld opzeggen?
Dan zijn we voorlopig nog niet met voldoende mensen om het systeem in te laten storten. Als je het van een afstandje bekijkt is het een wonderschoon maar fragiel systeem. Bij de kredietcrisis zag je dat bij beleidsmakers de angst ontstond dat burgers het vertrouwen in de euro zouden verliezen. Als banken bijna failliet gaan betekent dat dat de waarde van de euro minder zeker is dan we dachten. Eigenlijk is het bizar dat het zo lang goed gaat. We vertrouwen het systeem omdat het werkt en omdat iedereen uiteindelijk weer geld nodig heeft om dingen te kopen, en geld krijgt voor geleverde diensten. We vertrouwen elkaar dus genoeg.

Hoe zit het met andere systemen en in hoeverre werken die naast het onze?
Er zijn talloze voorbeelden van munten waar we in vertrouwen. De spaarpunten van Douwe Egberts of de AirMiles zijn dat ook. Ze zijn schaars en we geloven dat als we er maar genoeg van sparen, we een tegenprestatie krijgen. Zolang iedereen vertrouwen blijft houden in Douwe Egberts of de Albert Heijn of een ander bedrijf kan dat werken. Het zijn in principe betaalmiddelen: het is een schuldbewijs in de vorm van een waardeloos stukje papier, maar je weet dat je het kan inwisselen.

Zijn de koffiepunten die ik spaar bij de Kiosk ook een soort geld?
In principe wel. Als jij voldoende stickers of stempels hebt krijg je een gratis kopje koffie. Je spaart het omdat je vertrouwen hebt in het instituut. Ze zijn niet zo universeel toepasbaar als de euro, maar het werkt wel als munt. In principe zou je voor de gein kunnen proberen om vier koffiepunten te ruilen voor een rolletje Mentos. Dan vervult het de functie van geld. Je ruilt dan jouw schuldbewijs waarmee je bijna een kopje koffie kunt halen als betaalmiddel voor snoepjes. De eigenaar van de Mentos kan dat accepteren omdat hij of zij denkt: als ik hier nog een koffiepunt bij krijg, kan ik een lekker kopje koffie halen.

Spaarpunten van Douwe Egberts: ook een soort geld. Foto via Flickr

Werken cryptovaluta als de bitcoin ook zo?
Zeker. Het zijn munten in schaarse hoeveelheden, gekoppeld aan een schaarse ‘grondstof’. Je kunt er niet zomaar meer bijmaken. Het vertrouwen in de bitcoin wordt breed gedeeld. In die zin is het exact hetzelfde als de wielen van Yap. Voor de bitcoin geldt wel dat de munt niet gedekt is door een instituut als de ECB, en niet na te maken is, waardoor de munt volatiel is en snel van waarde kan veranderen. Dat maakt het als betaalmiddel voorlopig onhandig omdat de waarde morgen totaal anders kan zijn dan vandaag. Maar het is best mogelijk dat de bitcoin steeds meer naast de euro gaat bestaan. Tot diep in de middeleeuwen hadden steden en staten allemaal eigen munten. Als genoeg mensen er waarde aan hechten werkt het gewoon als munt.

Hoe kan het dat brief- en muntgeld in mijn portemonnee voelt als ‘echt’ geld en bijvoorbeeld koffiepunten of geld op mijn bankrekening veel minder echt?
Dat is een fascinerende gedachte, want het is totale onzin. Mensen denken grappig genoeg dat het geld op de bank minder echt is omdat het bestaat uit eentjes en nulletjes, maar je briefgeld bestaat ook alleen maar uit getalletjes op papier. Het is allebei simpelweg een afspraak. Dat briefje is qua product misschien drie cent waard, maar we geloven in de afspraak dat het vijftig euro waard is. En met ING heb jij de afspraak dat vijftig euro op je bankrekening ook vijftig euro waard is. Het bestaat allemaal alleen maar bij de gratie dat jij en je omgeving geloven dat het geld is.

Dank je!
Graag gedaan.

Logo

Logo